Als verpleegkundige of arts in een ziekenhuis of categorale instelling zie je regelmatig volwassenen met psychische problemen of een verslaving. Of je ziet volwassenen die slachtoffer of pleger zijn van huiselijk geweld. Deze omstandigheden kunnen invloed hebben op hun kinderen. De kindcheck helpt om deze kinderen in beeld te krijgen en na te gaan of zij veilig opgroeien.

De kindcheck is onderdeel van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Het doel is om vroegtijdig zicht te krijgen op mogelijke risico's voor kinderen en waar nodig passende hulp te organiseren. Juist ziekenhuizen hebben hierin een belangrijke rol. Een opname, SEH-bezoek of consult kan een van de weinige momenten zijn waarop zorgen zichtbaar worden.

Kernvragen die medisch professionals zich moeten stellen zijn:

  • Zijn er kinderen die afhankelijk zijn van deze ouder of verzorger?
  • Welke gevolgen kunnen de problemen van de ouder hebben voor deze kinderen?
  • Heb ik zorg over hun veiligheid en ontwikkeling?
  • Is extra ondersteuning of het inzetten van de meldcode nodig?

Hieronder tref je drie casussen aan met betrekking tot de kindcheck. Iedere casus speelt zich af op een andere afdeling.

Kinderarm  en hand worden door arts gecontroleerd op breukjes

Casus 1: Psychiatrische Afdeling van het Algemene Ziekenhuis (PAAZ)

Els (34) wordt opgenomen op de PAAZ na een acute psychose. Ze is verward, achterdochtig en sterk geagiteerd. Volgens de overdracht is dit haar derde crisisopname in twee jaar tijd. Tijdens het opnamegesprek vertelt ze dat ze twee kinderen heeft van 4 en 2 jaar.

Je vraagt: ‘Waar zijn de kinderen nu?’ Els reageert direct: ‘Bij mijn zus, maar daar moeten ze weg. Ze doen hen daar iets aan. Ze luisteren mijn huis af. Iedereen werkt samen.’ Uit de informatie van de crisisdienst blijkt dat vader in het buitenland verblijft. De kinderen zijn tijdelijk opgevangen door familie. Je merkt dat Els niet goed kan uitleggen waarom de kinderen onveilig zouden zijn bij haar zus. Ze blijft terugkomen op complotten en raakt geëmotioneerd wanneer haar kinderen worden genoemd.

1. Welke aandachtspunten zie je voor de kindcheck?
  • Er zijn jonge kinderen (2 en 4 jaar).
  • Moeder heeft een acute psychose.
  • Moeder kan tijdelijk niet voor de kinderen zorgen.
  • Vader is afwezig.
  • De informatie die moeder geeft over de kinderen is wisselend of niet goed verifieerbaar.
  • De zorgverlener heeft onvoldoende zicht op de opvang- en veiligheidssituatie.
2. Welke vragen horen bij een goede kindcheck?

Voorbeelden van vragen:

  • Wie zorgt er momenteel voor de kinderen?
  • Zijn er andere volwassenen die structureel voor de kinderen kunnen zorgen?
  • Is er hulp betrokken die zicht heeft op de thuissituatie?
3. Wat doe je als je onvoldoende zicht krijgt op de veiligheid van de kinderen?

Wanneer je onvoldoende informatie hebt om de veiligheid van de kinderen te beoordelen, is verder handelen nodig volgens de meldcode.

Een passende reactie kan zijn:

‘Ik begrijp dat u zich zorgen maakt om uw kinderen. Het is belangrijk om te weten hoe het nu met hen gaat en waar zij verblijven. Omdat ik daar op dit moment onvoldoende zicht op heb, ga ik hierover overleggen met collega's en kijken welke stappen nodig zijn om hun veiligheid te beoordelen.’

In deze situatie is, na intern overleg, contact nodig met Veilig Thuis volgens de stappen van de meldcode.

Casus 2. Afdeling Interne Geneeskunde

Carissa (19) wordt opgenomen op de afdeling Interne Geneeskunde vanwege ernstige ondervoeding en alcoholintoxicatie. Tijdens de opname vertelt Carissa dat ze meestal samen met haar vriend Charlie veel drinkt, vooral in de avonden en de weekenden. Ze wonen samen. Terwijl je de sociale situatie uitvraagt, vertelt Carissa dat Charlie nog een zoontje van 5 jaar heeft. Je vraagt: ‘Woont hij bij jullie?’ Carissa antwoordt: ‘Ja, meestal wel.’ Je vraagt: ‘Wie zorgt er voor hem als jullie drinken?’ Carissa haalt haar schouders op. ‘Hij is er gewoon bij. Soms slaapt hij al. Charlie regelt dat meestal.’

1. Welke signalen maken een kindcheck belangrijk?
  • Er woont een kind van 5 jaar in het gezin.
  • Er is sprake van regelmatig en fors alcoholgebruik door beide volwassenen.
  • Je maakt je zorgen over de veiligheid en het welzijn van het kind.
2. Welke vragen kun je stellen?

Voorbeelden van vragen:

  • Hoe vaak wordt er alcohol gedronken wanneer het kind aanwezig is?
  • Wie zorgt voor het kind als de volwassenen onder invloed zijn?
  • Zijn er andere volwassenen betrokken bij de opvoeding?
  • Is er hulpverlening betrokken bij het gezin?

Goede vraag:
‘Kunt u me vertellen wie er voor hem zorgt als jullie alcohol drinken?’

Deze vraag is transparant, niet veroordelend en houdt de focus op het kind.

Minder helpende reacties zijn bijvoorbeeld:

‘Dus jullie drinken allebei veel terwijl er een kind in huis woont?’
Dit kan beschuldigend overkomen, waardoor iemand dichtklapt of zich gaat verdedigen.

‘Ik maak me zorgen, dit kind wordt verwaarloosd.’
Dit is een grote conclusie die je niet kunt trekken en die ook niet aan jou is.

‘Als jullie blijven drinken, moet ik Veilig Thuis inschakelen.’
Dit klinkt dreigend en kan de samenwerking verstoren.

3. Hoe leg je uit dat je de kindcheck doet?

Bijvoorbeeld door te zeggen:

‘Ik stel deze vragen omdat er een kind bij jullie woont. Wanneer volwassenen veel alcohol gebruiken, kijken we altijd hoe het met eventuele kinderen gaat en of er voldoende ondersteuning is.’

Casus 3: Spoedeisende Hulp (SEH)

Mark (43) meldt zich op de Spoedeisende Hulp met een blauw oog en pijn aan zijn ribben. Bij de triage vertelt hij dat hij van de fiets is gevallen. Wanneer je later alleen met hem spreekt, vertelt hij aarzelend iets anders. ‘Eigenlijk heeft mijn vrouw mij geslagen.’ Je vraagt: ‘Gebeurt dat vaker?’ Mark knikt. ‘Al jaren. Maar de laatste tijd vaker. Soms één keer per twee weken.’ Je vraagt: ‘Zijn er kinderen thuis?’ ‘Ja, twee. Maar die zijn al groot hoor, vijftien en zeventien. Ze zijn meestal niet thuis als het gebeurt.’

1. Waarom is hier een kindcheck nodig?
  • Er is sprake van partnergeweld.
  • Er wonen kinderen in het gezin.
  • De kinderen zijn getuige van geweld en spanningen.
2. Welke vragen kun je stellen?

Voorbeelden van vragen:

  • Wat merken de kinderen van de spanningen thuis?
  • Hoe reageren de kinderen als er ruzie of geweld is?
  • Is er iemand buiten het gezin die weet wat er speelt?
  • Zijn er hulpverleners betrokken bij het gezin?
  • Maakt u zich zorgen over de kinderen in deze situatie?

Goede vraag:
‘Wat krijgen uw kinderen mee van de ruzies en het geweld tussen u en uw partner?’

Deze vraag is open, niet-veroordelend en helpt om zicht te krijgen op de impact van het geweld op de kinderen.

Een minder helpende reactie is bijvoorbeeld:
‘Waarom heeft u niet veel eerder aan de bel getrokken?’

Deze vraag kan schuld en schaamte oproepen en het gesprek blokkeren.

3. Hoe leg je uit waarom je naar de kinderen vraagt?

Bijvoorbeeld door te zeggen:

‘Ik begrijp dat u vooral voor uzelf hulp zoekt. Tegelijk vraag ik ook naar eventuele kinderen, omdat geweld tussen volwassenen invloed heeft op kinderen die ermee opgroeien. Daarom kijken we altijd hoe het met hen gaat.’

Wanneer er zorgen blijven bestaan over de veiligheid of ontwikkeling van de kinderen, bespreek je dit met de aandachtsfunctionaris huiselijk geweld en kindermishandeling of het meldcode kernteam en doorloop je de stappen van de meldcode.

Meer leren over de kindcheck?

In alle Werken met de meldcode-cursussen voor ziekenhuizen en categorale instellingen heeft Augeo tegenwoordig standaard het onderwerp ‘kindcheck’ opgenomen. Dit is geen losse cursus meer. Fris je kennis en vaardigheden op door de cursus Werken met de meldcode voor jouw afdeling te maken. Al gedaan? Dan is er de Herhaalcursus voor ziekenhuizen of artsen.

Tip: De Werken met de meldcode cursussen zijn geaccrediteerd bij de V&VN en de ABAN (kijk in je leerportaal en haal meteen accreditatiepunten).

Bekijk cursusaanbod ›

Arts controleert een jong kindje

 

Nog niet bekend met het cursusaanbod van Augeo en de voordelen van een lidmaatschap? In deze informatiebrief lees je meer over een lidmaatschap voor de ziekenhuizen. Neem contact op met alicia@augeo.nl om de mogelijkheden voor jouw organisatie te bespreken.

 

Open vragen stellen

Bij de kindcheck is het belangrijk om nieuwsgierig te zijn en open vragen te stellen. Je onderzoekt niet of ouders ‘goed genoeg’ opvoeden, maar probeert zicht te krijgen op hoe het met het kind gaat, wie voor het kind zorgt en of de situatie maakt dat je je zorgen maakt over de veiligheid. Als er na doorvragen onvoldoende zicht op de situatie of blijvende zorgen zijn, bespreek je vervolgstappen met de aandachtsfunctionaris en volg je de stappen van de meldcode.

Meisje met arm in het gips overlegt met arts

 

Kijk- en luistertips voor medisch professionals

Leren en inspiratie opdoen kan op een laagdrempelige manier met podcasts of video’s. Augeo geeft hier 5 tips voor medisch professionals. Over omgaan met informatieverzoeken van Veilig Thuis, over vragen naar seksueel misbruik, over femicide en over het voordeel van gebruik maken van elkaars expertise.

Kijk- en luistertips voor medisch professionals

 

Ben jij werkzaam in een ziekenhuis en heb je te maken met de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling? Meld je dan aan voor onze speciale nieuwsbrief en blijf op de hoogte van wat er speelt binnen de ziekenhuissector over dit onderwerp.


Bekijk onze andere ziekenhuis-specials:
1. Letsel door kindermishandeling
2. Partnergeweld en intieme terreur