Onderzoek

Belangrijke rol voor verloskundigen bij signaleren van kwetsbaarheid

Signaleren is zien wat opvalt. Maar zo eenvoudig is dat niet, blijkt uit het onderzoek ‘Drijfveren, obstakels en kansrijke aanknopingspunten bij het signaleren van kwetsbare gezinnen’. Het merendeel van de verloskundigen vindt dat in hun hun opleiding onvoldoende aandacht is besteed aan het signaleren van niet-medische risicofactoren van kwetsbaarheid in gezinnen. 

praten over ouderschap

Uit wetenschappelijk onderzoek weten we al langer dat kenmerken van ouders, ofwel oudersignalen, de belangrijkste voorspellers zijn voor het ontstaan van kindermishandeling. Eigen jeugdervaringen met verwaarlozing en geweld, conflicten in de partnerrelatie en psychische problemen, waaronder verslavingsproblemen van ouders, vergroten de kans op het ontstaan van kindermishandeling. 

Niet-medische risicofactoren signaleren

In het onderzoek Dijksterhuis & van Baaren (2020) is nagegaan in hoeverre eerstelijns verloskundigen deze kenmerken van ouders, die zij niet-medische risicofactoren noemen, signaleren. Vanuit het idee dat hoe vroeger in de zwangerschap verloskundigen die factoren signaleren des te eerder kunnen zwangere en hun partner passende ondersteuning krijgen. 
In het onderzoek ‘Drijfveren’ is onderzocht in hoeverre verloskundigen screenen op, vragen naar en observeren dat sprake is van niet-medische risicofactoren. Voorbeelden van deze factoren zijn middelengebruik, relatieproblemen, factoren die te maken hebben met werk en inkomen, huisvestingsproblemen en of de zwangerschap gewenst was.

Uitkomsten

Het merendeel van de verloskundigen (62%) gebruikt geen gevalideerd signaleringsinstrument zoals de Mind2Care of de R4U voor deze niet-medische risicofactoren. De redenen die zij daarvoor noemen zijn dat ze niet beschikbaar zijn, dat de instrumenten gebruiksonvriendelijk zijn of dat het gebruik een te grote tijdsinvestering is. Ook blijken verloskundigen niet standaard naar alle risicofactoren te vragen. Naar middelengebruik of huiselijk geweld vragen zij wel bijna altijd, maar minder dan de helft vraagt standaard naar relatieproblemen tussen de ouders, moeilijk aflosbare schulden of het inkomen van ouders. De helft van de verloskundigen gebruikt geen intakevragenlijst die de zwangere zelf invullen, het merendeel omdat zij bepaalde vragen liever persoonlijk stellen aan hun cliënten.

Meer signaleren

Verloskundigen die een gevalideerd signaleringsinstrument gebruiken, signaleren meer risicofactoren dan zij die geen instrument gebruiken. En verloskundigen die meer tijd besteden aan de intake brengen ook meer risicofactoren in kaart. Bovendien dragen meer werkervaring, meer tijd voor consult en zich vaardiger voelen om gevoelige onderwerpen te bespreken bij aan het meer signaleren van kwetsbaarheid. 

Combineren van signaleringsmethodes

Het onderzoek beveelt dan ook aan de kennis over signalen van niet-medische risicofactoren en de vaardigheid om moeilijke / gevoelige onderwerpen te bespreken te vergroten door geaccrediteerde bijscholing. Bovendien zou moeten worden aangestuurd op het standaard gebruik van gevalideerde signaleringsinstrumenten, zodat verloskundigen geen risicofactoren over het hoofd zien. Om sociaal wenselijke antwoorden te voorkomen, zouden cliënten daarnaast zelf vragenlijsten over deze risicofactoren moeten invullen. Tijdens het consult kan de verloskundige dan verder ingaan op wat de cliënt heeft ingevuld. Dat bespaart niet alleen tijd, maar zorgt ook voor meer betrouwbare signalering. 

Hieruit blijkt dat het des te belangrijker is om én signaleringslijsten te gebruiken, én ernaar te vragen én zwangere en partner zelf een vragenlijst in te laten vullen. Dat geeft de meeste kans op een betrouwbaar beeld. Niet omdat ouders in kwetsbare omstandigheden hun kinderen niet goed zouden kunnen opvoeden. Maar wel omdat zij zo vroeg in beeld zijn en passende ondersteuning kunnen krijgen. Zodat hun kinderen een eerlijke kans krijgen om gezond en veilig op te groeien.